Ebola Response

EMERGENCY stond aan de frontlinie in de strijd tegen ebola in Sierra Leone

De eerste gevallen deden zich voor in Guinee, daarna in Liberia, en vervolgens trof de ebola-uitbraak in mei 2014 ook Sierra Leone. EMERGENCY kon op deze crisis reageren doordat zij haar Chirurgisch en Pediatrisch Centrum in Goderich – al jarenlang hèt referentiecentrum voor traumatologie in West-Afrika – al had gereorganiseerd en het ongeveer begin 2014 in gereedheid had gebracht.

Alle personeelsleden werden specifiek opgeleid in nieuwe procedures om de verspreiding van de ziekte tegen te gaan en besmetting te voorkomen. Het ziekenhuis is volledige gereorganiseerd: er is een nieuwe triagezone gecreëerd om contact tussen wachtende patiënten te voorkomen en om te verhinderen dat vermoede ebolagevallen het ziekenhuis konden binnenkomen; patiënten met mogelijke symptomen van ebola werden in twee afzonderlijke tenten geïsoleerd, waar zij konden wachten op de laboratoriumuitslagen ter bevestiging van de diagnose; bezoeken van familieleden werden stopgezet en er werden nieuwe procedures ingesteld om de gezondheidssituatie van alle personeelsleden te bewaken. Het doel hiervan was om ebola buiten het ziekenhuis te houden. Dat was een aanzienlijke onderneming, want de meeste van de honderd kinderen die elke ochtend bij de kliniek aankwamen, hadden symptomen die sterk leken op die van ebola: misselijkheid, diarree en verhoging. Intussen verspreidde de ziekte zich, aanvankelijk alleen in de noordelijke districten, naar de rest van het land.

Halverwege september waren 1.600 inwoners van Sierra Leone ziek, van wie 100 in de hoofdstad Freetown. De overbevolking in de slums van de stad en de verschrikkelijk slechte hygiënische omstandigheden maakten dat het aantal gevallen zich vermenigvuldigde. Meer dan 20 mensen per dag liepen een virus op dat in tot 90% van de gevallen potentieel fataal is bij ontbreken van toereikende gezondheidszorgfaciliteiten. Sierra Leone was, nog maar net 13 jaar na de burgeroorlog, totaal onvoorbereid op de epidemie. Lokaal personeel had geen kennis van beschermingssystemen en had vaak niet eens de beschikking over adequaat beschermingsmateriaal, met als gevolg dat een groot aantal gezondheidswerkers in openbare ziekenhuizen ziek werd.  


De centra voor de behandeling van ebola


Zodra we in ons ziekenhuis de eerste ebolagevallen begonnen te diagnosticeren bij de patiënten die in ons ziekenhuis geïsoleerd werden gehouden, stuitten we op de totale gebrekkigheid van het gezondheidsstelsel van Sierra Leone. We probeerden keer op keer om bedden te vinden om de patiënten over te dragen voor behandeling, maar de weinige, gebrekkig uitgeruste beschikbare faciliteiten waren niet in staat om de uitbraak het hoofd te bieden. Geconfronteerd als we werden met een noodsituatie die met dag duidelijker werd, begonnen we in antwoord op verzoeken van het Ministerie van Volksgezondheid en de president van Sierra Leone aan een nieuw project: een centrum voor de behandeling van ebola. In een race tegen de klok openden we ons eerste centrum op 18 september in Lakka, op korte afstand van de hoofdstad. Daar hadden we 12 isoleerbedden en 10 zorgbedden, 22 in totaal. Het hoofddoel van de opgezette centra was op dat moment het isoleren van besmette patiënten. EMERGENCY besloot om een verdere noodzakelijke stap te zetten – ondanks de twijfels aan de uitvoerbaarheid hiervan bij de degenen die zich inspanden om de epidemie in toom te houden – namelijk de stap om mensen te behandelen. Terwijl het virus zich snel verspreidde met het tempo van 100 nieuwe ziektegevallen per dag, waren de bedden in centrum in Lakka altijd bezet, en dus begonnen we plannen te maken voor een ebolabehandelingscentrum met 100 bedden.

Het Centrum in Goderich, dat in slechts zes weken was gebouwd, en werd gefinancierd door het Department for International Development (DFID) van de Britse regering, werd geopend op 13 december. In slechts enkele weken creëerden we een intensievezorgunit voor ebolapatiënten – de enige van zijn soort in Sierra Leone – uitgerust naar de normen van ziekenhuizen in westelijke landen, met ventilatoren, dialysemachines, infusiepompen en monitors, waarmee wij de patiënten optimale zorg konden bieden. In het centrum hebben we – in samenwerking met het Italiaanse Nationale Instituut “Lazzaro Spallanzani” voor Infectieziekten – een testlaboratorium voor polymerasekettingreactie (PCR) opgezet om bloedstalen van patiënten te kunnen testen op besmetting met het ebolavirus. Dankzij dit laboratorium konden we de tijd tussen de test en de diagnose verkorten en daardoor de patiënten sneller behandelen.  


Eerstehulppost in het kamp Waterloo


Naast het behandelen van patiënten hebben we ook gewerkt aan de preventie van de verspreiding van de infectie. Met dat doel openden we begin december een eerstehulppost in Waterloo, een vluchtelingenkamp waar 22.000 mensen opeengepakt zitten in geïmproviseerde hutten. Het kamp heeft net als veel andere wijken van de hoofdstad geen gezondheidszorgfaciliteiten waar een snelle respons kan worden geboden op vermoede besmettingsgevallen. Er werkten vier verpleegkundigen in onze eerstehulppost in Waterloo voor de triage van vermoede gevallen en, indien nodig, voor het overbrengen van deze mensen naar het Behandelingscentrum. Voor het stoppen van de verspreiding van het virus schakelden we de hele gemeenschap in. We leidden 90 gezondheidswerkers op om de mensen in het kamp te identificeren die in contact waren gekomen met ebolapatiënten, en om hen dagelijks te volgen. In ons Pediatrisch en Chirurgisch Centrum werd tijdens de noodtoestand rond ebola onophoudelijk gewerkt. Terwijl overal ziekhuizen moesten sluiten door gebrek aan artsen en verpleegkundigen, was het EMERGENCY-centrum het enige centrum voor chirurgie en pediatrie in het hele land dat open bleef. Maandenlang werd de bevolking overgelaten aan haar lot: malaria, buiktyfus, infecties en chirurgische spoedgevallen bleven zich dagelijks voordoen, maar konden niet meer in de openbare gezondheidszorgfaciliteiten worden behandeld. De noodtoestand in verband met de ebola-uitbraak maakte het gebrek aan artsen en verpleegkundigen dat het land kenmerkt en dat de ontwikkeling van het gezondheidsstelsel in Sierra Leone dermate in de weg heeft gestaan, alleen nog maar erger. Het ebolavirus is de gezondheidswerkers van Sierra Leone duur komen te staan.